Merkonderzoek: Cultuur

Jarig nijntje museum is kindvriendelijkste cultuurorganisatie

(foto: Jelle Draper)

Bron: persbericht Cultuursector Merkenonderzoek 2024

Musea bieden veruit het meest kindvriendelijke cultuurprogramma aan. Het vorig jaar heropende nijntje museum in Utrecht prijkt bovenaan de ranglijst, blijkt uit het Cultuursector-Merkenonderzoek 2024 van Hendrik Beerda Brand Consultancy. Het jaarlijkse onderzoek dat al bijna 20 jaar bestaat met ruim 140.000 respondenten, laat zien dat de gehele top 10 uit louter musea bestaat. Opvallend is dat bioscopen en podia voor een cultuurbezoek met kinderen niet top of mind zijn. Pas op de dertiende plaats komt het eerste niet-museum; bioscoopketen Vue.
 

Een jaar na de opening van het vergrote museumgebouw scoort het nijntje museum in Utrecht niet alleen het best op kindvriendelijkheid. Van alle cultuurorganisaties krijgt het ook het hoogste rapportcijfer voor de leukste, ontspannendste programmering. Terwijl kindvriendelijkheid wijdverspreid is bij musea, is ontspanning een minder sterke eigenschap van de sector. Alleen het Spoorwegmuseum en het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem scoren op deze imagofactor ook een top 10 positie.

Podium- en evenementensector moeten kindvriendelijker worden

Vooral podia en culturele evenementen kunnen zich kindvriendelijker profileren. Positieve uitzondering onder de evenementen is Open Monumentendag, dat nog net in de top 20 staat. MartiniPlaza, het Circustheater in Scheveningen en de Leeuwarder Stadsschouwburg Harmonie hebben onder de podia het vriendelijkste imago voor kinderen, maar komen op de ranglijst niet verder dan respectievelijk de 28e, 35e en 45e plaats.

Merkadviseur Hendrik Beerda: ‘Met name bij theaters voelen mensen een flinke drempel om naar toe te gaan, nog meer nu bij velen bezuinigd moet worden na alle prijsstijgingen. Maar niet alleen is het belangrijk dat de entreeprijs voor hen acceptabel blijft, tegelijkertijd moeten Nederlandse theaters de programmering voor gezinnen met kinderen aantrekkelijker maken. Door zich kindvriendelijker op te stellen, kweken de theaters het publiek van de toekomst. Ook is de kans groter dat theaters de ouders later weer terugzien, nadat ze met hun kinderen op bezoek zijn geweest en de smaak te pakken hebben gekregen.’

Top 20 kindvriendelijkste cultuurinstellingen

  1. nijntje museum
  2. NEMO Science Museum
  3. Spoorwegmuseum
  4. Museumpark Archeon
  5. Naturalis
  6. Nederlands Openluchtmuseum
  7. Hunebedcentrum
  8. Het Scheepvaartmuseum
  9. Luchtvaartmuseum Aviodrome
  10. CORPUS
  11. Zuiderzeemuseum
  12. Museon-Omniversum
  13. Vue
  14. Maritiem Museum
  15. Madame Tussauds Amsterdam
  16. Cinerama Filmtheater
  17. Pathé
  18. Open Monumentendag
  19. Jostiband
  20. Kasteel de Haar

Onderzoek onder 141.000 respondenten sinds 2006

Het Cultuursector Merkenonderzoek is met de Universiteit van Amsterdam ontwikkeld en wordt sinds 2006 uitgevoerd. Sindsdien zijn 141.000 respondenten ondervraagd over de reputatie en groeipotentie van alle Nederlandse cultuurorganisaties. Het onderzoek wordt in eigen beheer uitgevoerd en heeft geen opdrachtgever of andere belanghebbende.


Kiezers links én rechts houden van dezelfde cultuur

Bron: persbericht Cultuursector Merkenonderzoek 2024

Of mensen nu op de PVV of GroenLinks-PvdA stemmen, ze hebben dezelfde voorkeur voor cultuurinstellingen. Voor beide kiezersgroepen zijn het Anne Frank Huis en het Rijksmuseum favoriet en zijn acht van de top tien favoriete cultuurinstellingen gelijk, blijkt uit het Cultuursector-Merkenonderzoek 2024 van Hendrik Beerda Brand Consultancy. Wel blijkt dat linkse kiezers beter bekend zijn met het Nederlandse cultuuraanbod. Aan het jaarlijkse onderzoek deden sinds 2006 141.000 respondenten mee.

‘Of je nu rechts of links stemt, de meeste mensen houden van dezelfde cultuur in Nederland’, aldus merkadviseur Hendrik Beerda. ‘Rechtse stemmers worden soms neergezet als cultuurbarbaren, maar interessant om in dit onderzoek te zien dat ze van vrijwel dezelfde cultuurinstellingen houden als mensen die op linkse partijen stemmen. Alleen De Vrienden van Amstel Live en het Amsterdamse wassenbeeldenmuseum Madame Tussauds scoren onder rechtse stemmers beter. Linkse stemmers houden meer van Acda en de Munnik en het Leidse biodiversiteitsmuseum Naturalis’.

Bekendheid hoger onder linkse stemmers
Toch laat het onderzoek ook verschillen zien. Zo weten linkse stemmers beter de weg te vinden naar het Nederlandse cultuuraanbod. Beerda: ‘Op bekendheid laat het onderzoek grote verschillen zien tussen linkse en rechtse kiezers. Tegelijkertijd zie je dat wanneer de bekendheid er wel is, de band met de cultuursector bij rechts georiënteerden vrijwel even sterk ontwikkeld is. Het maakt daarin dan ook weer niet uit wat je stemt.’

Beerda: ‘Dit gegeven maakt het direct ook interessant voor cultuurinstellingen. Vooral dans-, opera- en theatergezelschappen hebben flinke groeimogelijkheden als ze zich breder profileren in de samenleving en durven te investeren in de aanhang van partijen als PVV, VDD, NSC en BBB. De meest zichtbare kloof geldt voor filmtheaters. Enige uitzondering hierop vormt de grootste speler Pathé, waar een goede dwarsdoorsnede van stemmend Nederland te vinden is.

Top 10 cultuur onder rechtse kiezers

  1. Anne Frank Huis
  2. Rijksmuseum
  3. Pathé
  4. Rotterdam Ahoy
  5. Spoorwegmuseum
  6. De Vrienden van Amstel LIVE
  7. BLØF
  8. Ziggo Dome
  9. Pinkpop
  10. Madame Tussauds Amsterdam

Top 10 cultuur onder linkse kiezers

  1. Rijksmuseum
  2. Anne Frank Huis
  3. Acda en de Munnik
  4. BLØF
  5. Pathé
  6. Ziggo Dome
  7. Pinkpop
  8. Rotterdam Ahoy
  9. Naturalis
  10. Spoorwegmuseum

Alle politieke kleuren dansen het meest door elkaar in de Groningse MartiniPlaza
Bij de Nederlandse theaters en muziekpodia is de scheiding tussen politiek links en rechts het minst zichtbaar. In de Groningse evenementenlocatie MartiniPlaza dansen mensen van de verschillende politieke voorkeuren het meest door elkaar en ook bij het Amsterdamse DeLaMar speelt de politieke voorkeur geen rol bij het theaterbezoek.

Onderzoek onder 141.000 respondenten sinds 2006
Het Cultuursector Merkenonderzoek is met de Universiteit van Amsterdam ontwikkeld en wordt sinds 2006 uitgevoerd. Sindsdien zijn 141.000 respondenten ondervraagd over de reputatie en groeipotentie van alle Nederlandse cultuurorganisaties. Het onderzoek wordt in eigen beheer uitgevoerd en heeft geen opdrachtgever of andere belanghebbende.


Cultuursector Merkenonderzoek met BrandAlchemy™

Sinds 2006 voert Hendrik Beerda Brand Consultancy grootschalig onderzoek uit in de cultuursector met het merkenmodel BrandAlchemy™. Het Cultuursector-Merkenonderzoek meet de merkpositie van alle cultuurorganisaties en -professionals, onder jongeren (4 tot 18 jaar) en volwassenen (18+). Het onderzoek is met de Universiteit van Amsterdam ontwikkeld.

Uitvoering van het Cultuursector Merkenonderzoek
Jaarlijks worden alle merken in de Nederlandse cultuursector met BrandAlchemy™ onderzocht. Het nationale cultuuronderzoek onder volwassenen (18+) vindt sinds 2006 tweejaarlijks plaats in de even jaren. De 150 topmerken van de Nederlandse cultuursector worden dan op 40 factoren gemeten: spontane bekendheid, merkkracht (= bekendheid, waardering en binding), merkpersoonlijkheid (16 factoren), merkprestatie (17 factoren), bezoekintentie, bezoek en groeiverwachting.
 In de oneven jaren wordt het nationale onderzoek onder jongeren (4 tot 18 jaar) uitgevoerd. Ook wordt in de oneven jaren onder volwassenen (18+) per provincie een verdiepingsonderzoek uitgevoerd naar het draagvlak van alle cultuurorganisaties en de waardering voor het provinciale cultuuraanbod. Hierbij wordt een vergelijking gemaakt met de andere vormen van vrijetijdsbesteding in de dagattractie-, evenementen- en sportsector.

Matching met het Sponsor Merkenonderzoek
Door het matchen van de onderzoeksresultaten van het Cultuursector Merkenonderzoek met de resultaten van het Sponsor Merkenonderzoek is het mogelijk om in kaart te brengen welke culturele merken het best aansluiten bij welke sponsors. Deze analyse kan voor verschillende doelgroepen worden uitgevoerd.

Gebruiksmogelijkheden van het Cultuursector Merkenonderzoek
Het onderzoek biedt waardevolle informatie voor de aanscherping van de organisatiestrategie, het marketingbeleid en de sponsorbenadering. Concrete analyseresultaten zijn:

  • Sterkten, zwakten en groeikansen van uw merk(en) onder verschillende doelgroepen en ten opzichte van de ‘concurrentie’, op basis van onderzoeksgegevens vanaf 2006
  • Praktisch advies voor merkversterking, bezoekersgroei en het gebruik van de analyseresultaten bij sponsor- en/of subsidiewerving
  • Selectie van (sponsor)partners die - wat betreft merkkracht en reputatie - het best aansluiten bij uw merk(en)

Cultuursector Merkenonderzoek in de pers

MarketingTribune, Onderzoek: Anne Frank Huis heeft meeste merkkracht, 9 augustus 2023

Telegraaf, Flinke deuk in imago Marco Borsato, 21 juli 2020

Boekmanstichting, Het is bij musea veiliger dan in de supermarkt, 14 mei 2020

Boekmanstichting, Cultuur doet ertoe, óók economisch, 23 april 2020

Frank.news, Waarom musea aan hun marketing moeten werken, 21 november 2018

MarketingTribune, Festival en klasiek concert zijn statussymbool, 22 mei 2018

De Ondernemer, BN'ers als merk, dit kun je van ze leren, 21 februari 2018

De Wereld Draait Door, André van Duin is het sterkste merk, 21 februari 2018

RTL Nieuws, André van Duin is het sterkste merk, 19 februari 2018

NOS Jeugdjournaal, Kinderen houden van muziek van hun ouders, 3 mei 2017

Nederlands Dagblad, Papa heeft weinig interesse in cultuuruitje, 23 maart 2017

Omroep Gelderland, Gelderlanders ontevreden over cultuuraanbod, 17 maart 2015

Omroep Flevoland, Flevolanders kritisch over cultuuraanbod, 17 maart 2015

Nederlands Dagblad, André van Duin is Nederlands populairste artiest, 11 maart 2014

Omroep Zeeland, Cultuurimago beïnvloed door Bløf en Racoon, 13 september 2013

Nederlands Dagblad, Cultuurtrots vooral bij Noord-Hollanders, 11 september 2013

Adformatie, Herman Finkers sterkste culturele merk, 22 februari 2008

Adformatie, Marco Borasato sterkste culturele merk, 18 september 2006